Welkom
Missie
Profiel
Diensten
Double Healix
Werken met broedplaatsen
Belia werkte eerder voor
Werkwijze
Recent gelezen!
Contact

De Coach als Regisseur

De Noodzakelijke Revolutie

Auteurs: Peter Senge, Bryan Smith, Nina Kruschewitz, Joe Laur, Sara Schley
ISBN-13: 978 90 5261 671 1

Wereldwijd wagen grote ondernemingen als DuPont, Coca-Cola en Nike zich aan experimenten met innovatieve strategieën om een blijvende verandering in hun manier van zaken doen teweeg te brengen. Peter Senge en collega's laten in “De noodzakelijke revolutie” zien welke uitdagingen zij daarbij ondervinden en hoe ze erin slagen hun productiemethoden aan te passen Het is een inspirerend boek voor hen die altijd dachten dat ze in hun eentje geen gewicht in de schaal legden. Ook als individu kun je namelijk – binnen of buiten een organisatie – met de juiste interventietechnieken een verschil betekenen. De auteurs geven hiertoe heel concrete handvatten. Een aanrader voor wie zijn innovatiekracht wil versterken!

Zeven delen
In het eerste deel wordt uitgebreid uitgelegd waarom een revolutie nodig is. Dit geeft de legitimatie voor de andere delen, maar is in feite een overbodig hoofdstuk voor degenen die al wat langer nadenken over wat er in deze wereld aan de hand is. Belangrijkste boodschap van de auteurs is hier dat het industriële tijdperk gezien moet worden als parallel met de internet-zeepbel: een situatie die alleen tegen zeer hoge kosten nog in stand gehouden kan worden, en uiteindelijk onhoudbaar zal blijken te zijn.
Dan wordt ’t spannender: het tweede deel omvat een aantal mooie verhalen van grote ondernemingen die een enorme ommezwaai in hun bedrijfsvoering tot stand brachten, en hoe ze dit deden.
Vervolgens wordt steeds wat dieper ingegaan op mogelijke aanpakken. Sterk is dat er geen 10-stappen-plan gegeven wordt. Het besef is duidelijk: de diversiteit van situaties waar een revolutie noodzakelijk is, is zo groot dat een aanpak altijd op maat gekozen moet worden. Sterker nog, de auteurs geven aan dat een ontwerpaanpak niet zal werken. Je zult altijd voor onverwachte situaties komen te staan, die je creatief en flexibel zult moeten integreren in je aanpak.
De daarop volgende delen bevatten een mengeling van enthousiasmerende verhalen over wat al bereikt is, de constatering dat dit ‘slechts het begin’ is en er nog veel te leren valt. Daarnaast worden in aparte secties concrete handvatten gegeven hoe je een dergelijke verandering in je eigen omgeving aan zou kunnen pakken. Mooi hierbij is de ambiguïteit en onzekerheid die erkend worden.

  • Enkele inzichten, de kern van de tweede helft van het boek:
    Het is niet voldoende vervuiling te bestrijden en zo ‘minder slecht’ te worden. Het gaat erom nieuwe ontwikkelingen op te starten die geen vervuiling voortbrengen en daarmee het ‘slechte gedrag’ overbodig maken. Het verschil tussen beide handelswijzen zit ‘m niet alleen in het effect op onze leefomgeving. ‘Minder slecht’ houdt een beteugeling in, bepaald gedrag ‘mag niet’. Nieuwe ontwikkelingen vereisen innovatie en een nieuwe visie op toekomstmogelijkheden. Dit vraagt om volledig opengooien van je energie, dus een heel andere dynamiek.
  • Samenwerken gaat uiteindelijk altijd over relaties en relaties gedijen niet op een rationele berekening van kosten en baten, maar op ware betrokkenheid en wederzijdse kwetsbaarheid. Wat dit betekent wordt in de delen V, VI en VII nader uitgewerkt.

De fundamentele oorzaak?
Wat
in eerste instantie verbazingwekkend is, is dat er in het hele boek niet gerept wordt over de fundamentele oorzaak van de ontsporing van onze maatschappij: onze grote behoefte ons eigenbelang op de korte termijn bevredigd te zien. Er wordt uitgelegd dat systeemstructuren en mentale modellen de oorzaak vormen van onze moeite de gang van zaken echt te wijzigen, maar niet dat dit z’n oorsprong vindt in ons oeroude streven naar individuele handhaving. Door die drijfveer streven we er als individu altijd naar onze individuele overlevingskansen – dus onze leefomstandigheden – te optimaliseren. Wat in dit boek niet expliciet benoemd wordt, is dat het ieder ons eigenbelang is dat ons doet wegkijken van de consequenties van ons handelen. Dit blijkt opzet: “Niemand vindt het prettig te horen te krijgen op een of andere manier verantwoordelijk te zijn voor de opwarming van de Aarde. Een effectievere strategie is mensen tot onderzoek van hun handelen aan te zetten.” Heel wijs en tactisch!

Eigenbelang blijft echter door het boek heen zwemen. Verwondering wekt de nadruk die in de verhalen over ‘bekeerde’ organisaties gelegd wordt op de hoge winstgevendheid van alle geslaagde innovaties, waardoor bedrijven die het licht hebben gezien op de ingeslagen weg doorgaan. Net als een opmerking waarin de auteurs zich afvragen hoe stevig de nieuwe stroom zal blijken te zijn in ongunstig economisch tij. Wat is nu de werkelijke reden voor de ingrijpende veranderingen? Een gewortelde visie of de wens winst te maken? We zullen het in de komende jaren kunnen zien, dankzij de huidige economische omstandigheden. Dat het bijna nooit simpelweg het één of het ander is, wordt geïllustreerd door een uitspraak van een ondernemer: “We nemen geen mensen in dienst om taartjes te bakken, we bakken taartjes om mensen in dienst te kunnen nemen en zo werkgelegenheid te scheppen”

Amerikaans
Jammer is dat het boek duidelijk voor de Amerikaanse markt is geschreven. Kenmerkend daarvoor zijn de mate van herhaling – waardoor het schrijven over duurzaamheid soms overkomt als een nieuw geloof – en het feit dat ontwikkelingen in de VS geroemd worden die in feite achterblijven bij de ontwikkelingen elders in de wereld. Voorbeelden van organisatieoverstijgende samenwerkingsverbanden en bijzondere ontwikkelingen zijn bijna allemaal afkomstig uit de VS. Door de herhalingen in de delen 4, 5 en 6 krijg je soms de neiging het boek terzijde te leggen of bladzijden over te slaan. Juist de laatste vijf hoofdstukken echter geven met compacte toekomstvisies op ondernemingsvormen en leiderschap een bredere blik en sluiten het boek zo mooi af.

Ondanks enkele kritiekpunten is dit boek zeer waardevol. Het zet aan tot verandering en geeft heel concrete handvatten en voorbeelden over wat je zelf in gng kunt zetten. Al lezend ontkom je er niet aan je af te vragen wat jij zelf kunt betekenen in “het leven na de zeepbel” en er notie van te nemen hoe jij je eigen handelen kunt aanscherpen.